Twintig jaar geleden was zure regen een ernstig milieu probleem voor Europese landen. Vooral de Scandinavische landen hadden er last van. Pijnbomen die half kaal werden en dus hun ‘groen’ verloren door vervuilende industrie in de midden- en zuid- Europese landen kregen veel aandacht in de media.
Het was voor iedereen, visueel als we zijn, volstrekt helder dat het probleem ernstig was en dat actie geboden was. Europese maatregelen werden genomen en fabrieken die zwavel produceerden werden verplicht om ontzwavelingsinstallaties in gebruik te nemen. Mede hierdoor is het probleem zure regen weliswaar niet verdwenen maar beheersbaar geworden.
De uitdaging ‘groen’ is nu waarschijnlijk even actueel als toen maar is minder zichtbaar. We willen verduurzamen maar door tegengestelde informatie (de aarde warmt wel op, de aarde warmt niet op) gecombineerd met relatieve onbekendheid over de voordelen van de toepassing van moderne en energiezuinige technieken is het voor beslissers (consumenten én bedrijven) moeilijk om te bepalen wat wijsheid is.
HRM@WORK heeft een LinkedIn poll uitgezet maart 2010 met de stelling: Consumenten willen, ter overweging van de aanschaf van duurzame installaties, meer dan alleen financieel voordeel.
Van de 108 respondenten was 80% het eens met de stelling.
Volgens de respondenten op deze LinkedIn poll willen consumenten ook:
- garanties dat de leverancier de lifecycle van het product overleeft;
- een onderhoudscontract voor de levensduur van het product;
- uitmuntende kwaliteit;
- investeringen die voordeel opleveren voor de volgende generaties;
- dat er zuinig wordt omgegaan met fossiele brandstoffen;
- ontzorgt worden;
- gebruikers gemak;
- beter comfort;
- dat het bijdraagt aan hun imago;
- een goed gevoel.
En wat ook bleek is dat het begrip duurzaam te vaag is. Het woord duurzaam is een soort mode woord geworden en door veelgebruik ervan bestaat het risico dat consumenten over-kritisch worden. Gebruik van het woord ‘duurzaam’ is niet meer onderscheidend. Anders gezegd; het kan door sommigen zelfs ervaren worden als misleidend of onbetrouwbaar.
Pijnbomen die de helft van hun ‘groen’ verliezen is door iedereen, met goed zicht, objectief vast te stellen.
Bedrijven die ‘groen’ beloven door gebruik van duurzame technieken is vrijwel uitsluitend door kenners, specialisten en technici objectief vast te stellen.
HRM@WORK krijgt waarschijnlijk daarom, in toenemende mate, vraag van technische installatiebedrijven voor technisch specialisten die goed kunnen communiceren, didactische vaardigheden bezitten en technisch inhoudelijk bekend zijn met ‘groene’ technieken en de inventiviteit bezitten om deze toe te passen in uiteenlopende situaties.
We hebben inderdaad nog een ‘groene’ weg te gaan.
We hebben nog een ‘groene’ weg te gaan.
Twintig jaar geleden was zure regen een ernstig milieu probleem voor Europese landen. Vooral de Scandinavische landen hadden er last van. Pijnbomen die half kaal werden en dus hun ‘groen’ verloren door vervuilende industrie in de midden- en zuid- Europese landen kregen veel aandacht in de media.
Het was voor iedereen, visueel als we zijn, volstrekt helder dat het probleem ernstig was en dat actie geboden was. Europese maatregelen werden genomen en fabrieken die zwavel produceerden werden verplicht om ontzwavelingsinstallaties in gebruik te nemen. Mede hierdoor is het probleem zure regen weliswaar niet verdwenen maar beheersbaar geworden.
De uitdaging ‘groen’ is nu waarschijnlijk even actueel als toen maar is minder zichtbaar. We willen verduurzamen maar door tegengestelde informatie (de aarde warmt wel op, de aarde warmt niet op) gecombineerd met relatieve onbekendheid over de voordelen van de toepassing van moderne en energiezuinige technieken is het voor beslissers (consumenten én bedrijven) moeilijk om te bepalen wat wijsheid is.
HRM@WORK heeft een LinkedIn poll uitgezet maart 2010 met de stelling: Consumenten willen, ter overweging van de aanschaf van duurzame installaties, meer dan alleen financieel voordeel.
Van de 108 respondenten was 80% het eens met de stelling.
Volgens de respondenten op deze LinkedIn poll willen consumenten ook:
- garanties dat de leverancier de lifecycle van het product overleeft;
- een onderhoudscontract voor de levensduur van het product;
- uitmuntende kwaliteit;
- investeringen die voordeel opleveren voor de volgende generaties;
- dat er zuinig wordt omgegaan met fossiele brandstoffen;
- ontzorgt worden;
- gebruikers gemak;
- beter comfort;
- dat het bijdraagt aan hun imago;
- een goed gevoel.
En wat ook bleek is dat het begrip duurzaam te vaag is. Het woord duurzaam is een soort mode woord geworden en door veelgebruik ervan bestaat het risico dat consumenten over-kritisch worden. Gebruik van het woord ‘duurzaam’ is niet meer onderscheidend. Anders gezegd; het kan door sommigen zelfs ervaren worden als misleidend of onbetrouwbaar.
Pijnbomen die de helft van hun ‘groen’ verliezen is door iedereen, met goed zicht, objectief vast te stellen.
Bedrijven die ‘groen’ beloven door gebruik van duurzame technieken is vrijwel uitsluitend door kenners, specialisten en technici objectief vast te stellen.
HRM@WORK krijgt waarschijnlijk daarom, in toenemende mate, vraag van technische installatiebedrijven voor technisch specialisten die goed kunnen communiceren, didactische vaardigheden bezitten en technisch inhoudelijk bekend zijn met ‘groene’ technieken en de inventiviteit bezitten om deze toe te passen in uiteenlopende situaties.
We hebben inderdaad nog een ‘groene’ weg te gaan.
Tags: comfort, duurzaam, energiezuinig, fossiele brandstof, goed gevoel, HRM@WORK, imago, linkedin, zuinig